zondag 30 oktober 2011

2012: toch niet 28 oktober 2011?

Ik schreef eerder over de voorspelling van Carl John Calleman dat de Maya kalender niet op 21 december 2012, maar op 28 oktober 2011 zou eindigen. Volgens Calleman zou dat niet het einde van de wereld betekenen, maar de realisatie van de volgende stap in de kosmische evolutie, een spirituele eenheid. Het is nu 30 oktober, dus is het tijd ons af te vragen: had hij gelijk?

Op het eerste gezicht zou ik zeggen van niet. Ik heb het nieuws in de gaten gehouden, maar geen tekenen gezien van een grote verschuiving van het bewustzijn, of kosmische energie, of wat dan ook. De wereld gaat gewoon zijn gangetje, met de gebruikelijke hoeveelheden goede en nare gebeurtenissen, de gebruikelijke conflicten en liefdadigheid. Misschien ben ik gewoon niet in fase met de juiste trillingsfrequenties of zoiets, maar ik zou toch verwachten dat we inmiddels wel wat gemerkt zouden hebben. Blijkbaar niet.

Calleman zelf heeft bij mijn beste weten nog niet gereageerd op het verstrijken van 28 oktober 2011. Het laatste wat ik van hem gevonden heb was deze reactie van de 27e op een kritisch artikel, waarin hij nogal defensief uit de hoek komt en de schrijver vooral aanvalt op zijn motivaties, alsof deze alleen maar de huidige situatie wil bewaken. Verderop in zijn reactie zien we volgens mij wel hoe hij zich wat lijkt in te dekken, met een voorproefje van wat volgens mij het verhaal van Calleman en zijn aanhangers zal worden: de verandering gaat niet vanzelf, maar hangt af van onze keuzes (lees: het ligt dus niet aan hem, maar aan ons als er niets gebeurt). Maar hij houdt vol dat er nog steeds een achtergrond van kosmische bewustwording is. Voor mij lijkt het er eerder op dat zijn idee van kosmische evolutie voor hem vast staat, en dat hij hoe dan ook de rest van de wereld in zijn idee gaat laten passen.

Sommige aanhangers van Calleman hebben hun verhaal al min of meer aangepast. De plotselinge sprong in bewustzijn zou bijvoorbeeld eventueel alsnog plaats kunnen vinden, de einddatum had immers gewoon een ruwe schatting kunnen zijn. Of misschien is de vorming van eenheid toch wel aan de gang, maar dan langzaam, bijvoorbeeld in de vorm van de Occupy Wall Street beweging.

Persoonlijk vind ik dit smoesjes achteraf. Vooral het omarmen van de Occupy Wall Street (OWS) beweging als teken van de komende spirituele eenheid vind ik apart. Voor degene die het gemist hebben, deze beweging protesteert tegen het uit de hand gelopen kapitalisme, waar grote bedrijven buitenproportioneel invloed kunnen uitoefenen op de politiek. De rijken krijgen het daardoor steeds beter, onder andere door belastingverlagingen en overheidssteun, terwijl de rest moet toezien hoe sociale voorzieningen en onderwijs steeds verder worden uitgekleed. OWS krijgt inderdaad veel steun onder de bevolking, en kon best wel eens een grote invloed gaan hebben op de wereld, maar is dat genoeg om een teken te zijn van de opkomende spirituele eenheid?

Ik denk van niet. OWS is uiteraard een tegenbeweging die niet alleen steun, maar ook nogal wat tegenstand oproept, maar dat is het probleem niet zozeer. Ik neem aan dat ook als je in kosmische eenheid gelooft, je niet verbaasd bent als er machten in de wereld zijn die daar weerstand tegen bieden. Het is ook niet zozeer dat OWS het meer eens is over waar ze tégen zijn dan over waar ze vóór zijn, of over wat er precies moet gebeuren - dat kan immers nog komen. Nee, het is meer dat OWS eigenlijk heel materialistische en wereldse redenen heeft om te protesteren - en materialistische en wereldse tegenstanders. Om te begrijpen wat deze beweging gaat betekenen voor de wereld, is het veel beter te kijken naar de wereldse acties en reacties dan naar Maya kalenders of vage theorieën over kosmisch bewustzijn.

Eén "einddatum" hebben we nu in ieder geval dus gehad en het was toch ietwat een anticlimax. Nu 21 december 2012 zelf nog.

woensdag 25 mei 2011

2012: steeds meer aardbevingen?

Ik heb al een poos geen nieuwe artikelen op dit blog gezet, maar ik reageer nog wel af en toe op reacties die geplaatst worden. Hoewel dit blog begon als reactie op creationisme, lijkt het dat mijn 2012 serie momenteel meer reacties oproept. Daarbij kwam ik een aantal keer dezelfde soort vraag tegen: hoe verklaar je het toenemende aantal aardbevingen? Tijd voor een nieuw artikel dus.

Pakistan, 2005, zo'n 80.000 slachtoffers. Sichuan, China, 2008, 70.000. Haïti, 2010, 223.000. Japan, 2011, 15.000 slachtoffers (en een kerncentrale). Zomaar wat aardbevingen van deze eeuw. Het lijkt wel steeds erger te worden!

Aardbevingen zijn indrukwekkende natuurrampen, en zoals je ziet kunnen daarbij grote aantallen slachtoffers vallen. Dat laat een indruk achter. Geen wonder dus dat in het verleden aardbevingen vaak gezien werden als tekens dat de goden ontstemd waren - en als voorbode voor het einde van de wereld. En nu dus weer - of het nu de 2012-aanhangers zijn of de Christenen die op de Rapture wachten, de toename in aardbevingen is het bewijs. Welke verklaring kan er anders zijn? Zelfs mensen die niet in 2012 of de Rapture geloven vragen zich af waar die toename toe gaat leiden.

Weinigen stellen zichzelf echter eerst de vraag of het aantal aardbevingen echt wel toeneemt. De meesten lijken zonder meer aan te nemen dat dat zo is, want iedereen zegt het , en we zien dat toch immers in het nieuws? Helaas, zo makkelijk gaat dat niet. Het menselijk brein werkt nu eenmaal zo dat we indrukwekkende voorvallen onthouden, en alle saaie dingen vergeten, zoals alle jaren waarin er géén grote aardbeving was met veel slachtoffers. Ook onthouden we uiteraard geen aardbevingen van lang geleden, of in afgelegen gebieden. Ons geheugen is dus geen betrouwbare manier om de toename van aardbevingen vast te stellen.

Hoe dan wel? We kunnen het natuurlijk navragen bij de organisaties die aardbevingen registreren, zoals de US Geological Survey, of onze eigen KNMI. En wat zeggen die? De USGS zegt:
Although it may seem that we are having more earthquakes, earthquakes of magnitude 7.0 or greater have remained fairly constant throughout this century and, according to our records, have actually seemed to decrease in recent years.

En onze KNMI geeft als antwoord op deze veelgestelde vraag over aardbevingen:

Er vindt geen toename van het aantal bevingen plaats. Wel worden er meer bevingen geregistreerd vanwege de steeds gevoeliger apparatuur. Ook het aantal slachtoffers zal waarschijnlijk toenemen vanwege de bevolkingsgroei.

Er worden ook goede argumenten gegeven die kunnen verklaren waarom het lijkt alsof er steeds meer grote aardbevingen zijn. Zoals het KNMI hierboven al aangeeft, vanwege de toenemende wereldbevolking zullen steeds meer aardbevingen in dichtbevolkte gebieden plaatsvinden en dus meer slachtoffers veroorzaken. Het USGS voegt daaraan toe dat vanwege de vooruitgang in communicatie-technologie er ook steeds meer aardbevingen het nieuws halen.

Het idee dat het aantal aardbevingen toeneemt en naar een climax toe zou werken klopt in elk geval niet. Tenzij je natuurlijk gelooft dat niet alleen de USGS maar ook het KNMI in één of ander complot zit - inclusief de honderden mensen die wereldwijd al de seismische meetstations beheren. En hoe waarschijnlijk is het dat zo'n groot complot geheim kan blijven?

zaterdag 10 april 2010

Kunnen mutaties informatie toevoegen?

Een veel gehoorde claim van tegenstanders van evolutie is dat mutaties geen informatie kunnen toevoegen aan het genoom, zoals bijvoorbeeld in de vierde stelling van het 95 stellingen project. Vooral vanuit het Intelligent Design (ID) kamp wordt deze claim vaak verspreid. Maar voor we het over het toenemen van informatie kunnen hebben, moeten we eerst een maat hebben voor de hoeveelheid informatie in een genoom.

Als je gaat nadenken over hoe je de hoeveelheid informatie van een set data kan meten, kom je echter al snel tot de conclusie dat het allemaal niet zo makkelijk is. Hoeveel informatie bevat bijvoorbeeld een boek? Je zou natuurlijk woorden (of tekens) kunnen gaan tellen en concluderen dat een dikker boek meer informatie bevat. Maar je snapt al snel dat dat niet werkt. "Er vallen natte druppels water uit de lucht" bevat niet vier keer zoveel informatie als "het regent". Voor genomen geldt hetzelfde. Uien hebben een genoom dat wel zes keer langer kan zijn dan dat van mensen, maar kan toch nauwelijks meer informatie bevatten dan dat van een mens. Elke maat voor informatie moet dus overbodige inhoud niet mee tellen.

Zulke maten zijn inderdaad ontwikkeld, zoals Shannon-entropie of Kolmogorov-complexiteit. Hoewel het met deze maten in de praktijk nog steeds lastig en vaak zelfs onmogelijk is om een enkel getal toe te kennen voor een set met data, is het vaak wel mogelijk om met deze definities te bepalen welke van twee sets data meer informatie bevat.

Het vervelende voor ID is echter dat deze het voor hun verkeerde antwoord geven: mutaties kunnen met die maten wel degelijk de hoeveelheid informatie doen toenemen. Daarom hebben verschillende ID aanhangers, zoals William Dembski, geprobeerd hele nieuwe theorieën op te stellen om te bepalen hoeveel informatie er in een genoom zit, die hun wel het goede antwoord geeft.

Ik zou nu natuurlijk uitgebreid kunnen gaan uitleggen waar de fouten in die nieuwe theorie zitten, of uitleggen waarom de andere twee beter zijn. Misschien doe ik dat ook nog wel eens, want het is best interessante materie. Maar daarmee zou ik me nu laten afleiden van het onderwerp van mutaties en me in plaats daarvan alleen maar in een nodeloos ingewikkelde discussie laten dwingen. Je zou zelfs bijna denken dat deze hele discussie juist opzettelijk bedoeld is als afleidingsmanoeuvre, in de hoop dat je vast komt te zitten in lastige wiskunde en geleerd klinkende retoriek.

Want de simpele waarheid is dat welke maat je ook neemt om de informatie-inhoud van een genoom te meten, toename van informatie via mutaties altijd mogelijk is. Als namelijk een mutatie van A naar B een afname van informatie zou betekenen, dan is de mutatie van B naar A automatisch een toename. Zie? Al die ingewikkelde discussies zijn alleen maar afleiding.

zondag 28 februari 2010

2012: Wat gaat er dan wel gebeuren?

Tot nu toe heb ik het vooral gehad over wat ik verwacht dat in 2012 niet gaat gebeuren. Ik verwacht geen energie vanuit het galactisch centrum, geen langsrazende onbekende planeet en geen plotselinge verschuiving van de polen van de aarde - zelfs geen nieuwe fase van het kosmisch bewustzijn (al was het maar omdat niemand schijnt te weten wat daarmee bedoeld wordt). Wat verwacht ik dan dat er in december 2012 wél gaat gebeuren?

Nu heb ik al uitgelegd dat ik niet denk dat er iets speciaals is aan december 2012. Het feit dat het dan een mooi rond getal is op de kalender van de Maya's, is net zo onbelangrijk als dat het in 2000 een mooi rond getal was op de onze. Waarom zou dat betekenen dat er dan iets speciaals moet gebeuren?

Maar dat betekent natuurlijk niet dat er helemaal niets gaat gebeuren. Er gebeurt altijd wel iets uitzonderlijks. Er is elk jaar wel ergens op de wereld een overstroming, aardbeving, vulkaanuitbarsting of een ander soort ramp. Het zou vreemder zijn als er in 2012 helemaal geen rampen zouden zijn. Het zou me dus niet verbazen als sommige 2012-aanhangers één van de rampen in of rond 2012 zullen aanwijzen als dé voorspelde ramp, bijvoorbeeld een aardbeving als die in Haïti. Anderen zullen misschien wel de onvermijdelijk daarop volgende benefiet-acties aanwijzen als bewijs van de volgende fase in de ontwikkeling van het kosmisch bewustzijn.

Ook worden er elk jaar nieuwe ontdekkingen gedaan. Zo is het helemaal niet onwaarschijnlijk dat er rond 2012 nieuwe kometen ontdekt worden, of zelfs aard-achtige planeten rond andere sterren. Als dat gebeurt, dan lijkt het me niet onmogelijk dat deze door sommige Nibiru-aanhangers worden gezien als een vervulling van de voorspelling van de komst van Nibiru - zelfs al gaat deze voorspelling helemaal niet over een komeet, of over een planeet bij een andere ster.

Een andere reactie die we ongetwijfeld gaan zien, is dat mensen redenen gaan verzinnen waarom er niets gebeurd is. We zouden bijvoorbeeld te horen kunnen krijgen van sommige groepen dat ze de ramp hebben weten af te wenden dankzij hun gebeden of meditatie. Dat zou niet de eerste keer zijn dat zo'n smoes gebruikt werd. Of misschien hebben de buitenaardsen nog eens goed gekeken naar de mensheid en besloten dat we nog niet klaar zijn voor het volgende niveau in ons bewustzijn. Deze smoes wordt nu al gebruikt om te verklaren waarom we nog nooit aliens gezien hebben. Zo moeilijk is het dus niet te voorspellen dat deze van stal gehaald gaat worden om te verklaren waarom de Anunaki het in 2012 lieten afweten. Het is makkelijker om zulke achteraf-smoezen te bedenken dan toe te geven dat je het al jaren helemaal bij het verkeerde eind had.

Maar wat het waarschijnlijkste is dat gaat gebeuren, is dat de datum voor de "dag dat alles anders wordt" gewoon verschoven wordt. Waarom ik dat denk? Omdat dit al veel vaker gebeurd is. Nibiru zou bijvoorbeeld oorspronkelijk al in 2003 langskomen. Eén van de grondleggers van de Nibiru-mythe, Zachariah Sitchin, geloofde vanaf het begin al niet in een passage in 2012, maar denkt eerder aan 2085. Grote kans dat de Nibiru-aanhangers die datum zullen adopteren als 2012 op een teleurstelling uitloopt. Er zijn ook nu al mensen die latere data voorspellen voor het einde van de Maya-kalender, zoals bijvoorbeeld 2208. Ook al lijkt degene die deze alternatieve datum voorgesteld heeft zelf niet te geloven dat er dan iets bijzonders staat te gebeuren, het lijkt me maar al te waarschijnlijk dat er veel mensen zullen zijn die zich aan deze strohalm vast gaan klampen. Zelfs na 2012 zullen we niet van deze onzin af zijn.

Eeuwenlang al wordt het einde der tijden voorspeld. Het is een vast onderdeel van het geloof in veel religieuze stromingen dat we nu in de laatste dagen leven. Tot nu toe is er echter in al die tijd nog nooit één van deze voorspellingen uitgekomen. Uiteraard, als mensen maar lang genoeg doorgaan de "dag dat alles anders wordt" te voorspellen, dan krijgt er vanzelf ergens ooit eens iemand een keertje gelijk. Er zijn immers meer dan genoeg reële gevaren voor de mensheid. Hoewel de kansen op een nucleaire oorlog sinds de Koude Oorlog wat lijken te zijn afgenomen (al houden we Iran en Korea goed in de gaten), is er bijvoorbeeld altijd nog de mogelijkheid van een inslag van een asteroïde of komeet die groot genoeg is voor een wereldwijde ramp. En over enkele miljarden jaren wordt de aarde geroosterd wanneer de zon een rode reus wordt.

Maar voorlopig moet je me maar vergeven dat ik niet al teveel aandacht aan deze voorspellingen besteed. In het verleden behaalde resultaten zijn misschien geen garantie voor de toekomst, maar gezien het enorme gebrek aan succes van dit soort voorspellingen, moet zo'n voorspelling wel héél overtuigend bewijs meebrengen voor ik mijn huis ga verkopen en een bunker ga graven.

zondag 7 februari 2010

2012: Of toch 28 oktober 2011?

Hoewel iedereen zo zijn eigen ideeën heeft over wat er gaat gebeuren als de Maya kalender afloopt, weten we allemaal dat het in december van 2012 plaats gaat vinden. Of toch niet? In een paar reacties op mijn artikel over de Maya kalender werd gevraagd over een heel andere datum: 28 oktober 2011, meer dan een jaar eerder. Hoe zit dat dan, waar komt die datum dan vandaan? Ik had er nog niet van gehoord, maar ik ben het gaan uitzoeken.

Als je op internet op zoek gaat naar deze datum, kom je steeds twee namen tegen: Ian Xen Lungold en Carl Calleman. De eerste, Lungold (inmiddels overleden), is vooral bekend van zijn lezingen over de Maya kalender (je kunt er verschillende van op Youtube vinden), maar het meeste van zijn materiaal lijkt te zijn gebaseerd op de ideeën van Calleman, dus ik zal me hier op hem concentreren.

Calleman houdt er een vreemd stel ideeën op na. Aan de ene kant verwijst hij alle verhalen over Nibiru en pole shifts naar het rijk der fabelen. Ook lijkt hij te accepteren dat volgens de deskundigen de Maya kalender op 21 december 2012 afloopt, of althans het einde is van een Bak'tun. Maar volgens hem hebben ze het allemaal verkeerd: ze houden geen rekening met de spirituele betekenis van de kalender. Waarom? Volgens Calleman is de Maya kalender namelijk niet zomaar een manier om bij te houden welke dag het is, maar ook een weergave van de evolutie van het bewustzijn.

Volgens Calleman bestaat de geschiedenis uit negen perioden, die volgens hem overeen komen met de negen onderwerelden van de Maya's, of negen kosmische niveaus van bewustzijn. Waarom negen? Sommige tempels hebben negen lagen. Elke periode is daarbij een factor 20 korter is dan de voorgaande. De ontwikkeling van het bewustzijn gaat dus steeds sneller. Elke periode is verder weer in 13 delen opgedeeld: 7 dagen en 6 nachten. Hiermee heeft Calleman alle heilige getallen van de Maya's bij elkaar gepuzzeld tot iets wat volgens hem klopt met de wetenschappelijke feiten. Het begin van de eerste onderwereld was bijvoorbeeld het begin van het universum (16.4 miljard jaar geleden, waarbij hij er "maar" 2.7 miljard jaar naast zit), en het begin van de tweede komt overeen met het begin van complex leven (800 miljoen jaar terug - zo'n 200 tot 400 miljoen jaar te laat voor meercellig leven, maar zo'n 300 miljoen te vroeg voor echt complexe diersoorten).

De evolutie van het bewustzijn gaat volgens Calleman steeds sneller en zal binnenkort voltooid worden. Maar niet op 21 december 2012. Waarom niet? Omdat die dag op 4 Ahau in de Tzolkin kalender valt, en die dag astrologisch gezien de verkeerde energie zou hebben voor een voltooiing. Zijn alternatieve datum van 28 oktober 2011 valt echter op 13 Ahau, wat wel een geschikte dag is, met de juiste energie.

Hoe komt het dan dat de rest van de wereld denkt dat de Maya kalender op 21 december een Bak'tun afsluit? Ook daar heeft Calleman een verklaring voor: de Maya's zelf zaten er met hun kalender 420 dagen naast. Tegen de tijd dat de priesters daar achter kwamen, was het politiek echter niet meer mogelijk de kalender aan te passen. De priesters konden niet anders dan cryptische en vage hints achterlaten, die alleen Calleman kon ontcijferen. Als dat je in de oren klinkt als een soort van smoes achteraf, dan kan ik je daarin geen ongelijk geven.

Daarnaast beweert Calleman dat een Maya sjamaan met de naam Don Alejandro Perez Oxlaj bevestigt dat 21 december 2012 niet de einddatum is. Het enige wat ik echter kan vinden dat Don Alejandro gezegd heeft, is dat 2012 niet het einde is, maar dat er geen einddatum is, dat het leven gewoon door zal gaan. Op zijn minst bevestigt hij nergens Calleman's alternatieve datum - anders had Calleman dat vast wel ergens duidelijk vermeld.

Ten slotte beweert Calleman dat zijn theorie wetenschappelijk bewezen is, omdat hij gebruikt kan worden om voorspellingen te doen. Zo beweert hij dat hij in een boek uit 2001 de huidige economische crisis voorspelde, die volgens hem op 19 november 2007 moest beginnen. Hoewel hij een zeer specifieke datum in november noemde, is het voor hem blijkbaar goed genoeg dat economen december van dat jaar als beginpunt aanwijzen. Welke voorspellingen hij nog meer gedaan heeft die niet zijn uitgekomen vertelt hij er natuurlijk niet bij. Alles bij elkaar zijn z'n voorspellingen meer astrologie dan wetenschap.

Moeten we de datum van 28 oktober 2011 nu serieus nemen? Ik meen van niet. Calleman heeft duidelijk compleet naar eigen inzicht ideeën van evolutie, numerologie, astrologie, New Age en Maya mythologie gecombineerd. Het bewijs wat hij ervoor aandraagt is mager, en komt vooral over als een poging de wereld met een schoenlepel in zijn theorie te proppen. En als Calleman toch gelijk heeft? Als het kosmisch bewustzijn in 2011 volgroeid is (wat dat dan ook mag betekenen)? Dan hoeven we ons in ieder geval geen zorgen te maken dat de wereld in 2012 vergaat.

zondag 13 december 2009

2012: pole shift

Het lijkt er soms een beetje op dat de aanhangers van de 2012-hype op zoveel mogelijk paarden tegelijk wedden, in de hoop dat er tenminste eentje wint: als de aarde niet ten onder gaat aan mysterieuze energieën in een galactische uitlijning, dan misschien wel aan een langsrazende planeet, of anders door bezoekende aliens - of een andere populaire mogelijkheid waar ik het nog niet over heb gehad: de "pole shift". Dit laatste zou een plotselinge en rampzalige verschuiving van de polen moeten zijn. Maar is dat niet ook een beetje een weddenschap op meerdere paarden?

Want wat wordt er nu eigenlijk precies bedoeld met die "pole shift"? We hebben namelijk twee sets polen: de magnetische en de geografische polen. De aarde draait om haar as, zoals we allemaal weten. De twee plekken waar deze denkbeeldige as uit de aarde te voorschijn komt zijn de geografische noord- en zuidpool. Maar de aarde heeft ook een magnetisch veld, en een magnetisch veld heeft ook een noord- en zuidpool. Dit zijn de magnetische noord- en zuidpool van de aarde, maar die liggen niet precies op dezelfde plek als de geografische noord- en zuidpool - daar kan maar zo een kilometer of duizend tussen liggen. (Sterker nog, eigenlijk zijn de noord- en zuidpool verkeerd om gedefinieerd. De noordpool van het aardmagnetisch veld is eigenlijk wat op een gewone magneet als een zuidpool wordt aangeduid. Maar dat terzijde.)

Dus als we het over een pole shift hebben, welke polen gaan dan precies verschuiven? En ten opzichte waarvan verschuiven die dan? Laten we de mogelijkheden eens langslopen.

Eén mogelijkheid is dat de aardas zelf verschuift. Maar net als dat een tol overeind blijft staan door het gyroscopisch effect, of dat je fiets haast vanzelf overeind blijft als je eenmaal een lekker vaartje hebt, zal ook de as van de aarde niet zomaar veranderen. De aarde is natuurlijk een erg grote en erg zware tol, dus de stand van de aardas te veranderen gaat niet zomaar. Wel is de aarde onderhevig aan precessie, maar dat is een erg langzame verandering, zo'n 26.000 jaar voor één rondwenteling. Ook blijft bij precessie de locatie waar de as door het oppervlak steekt gelijk - de as wijst alleen een andere kant op en de aarde die beweegt daarin mee. Er is echter ook een proces waarin de positie van de as ten opzichte van het aardoppervlak zelf verschuift. De aarde is namelijk niet precies bolvormig. Net als alle andere draaiende voorwerpen probeert de aarde zo te roteren dat de onbalans minimaal is. Hierbij kan de rotatie-as dus iets veranderen. Hoewel er aanwijzingen zijn dat dit zo'n 800 miljoen jaar geleden vrij snel gebeurde, is deze verschuiving van de polen tegenwoordig echter nog veel trager dan precessie: ongeveer één graad per miljoen jaar.

Voor een plotselinge en drastische wijziging in de aardas zou je enorme hoeveelheden energie nodig moeten hebben. Het enige wat we kennen dat zoiets voor elkaar kan krijgen waarvan we weten dat het voorkomt, zou een botsing zijn van de aarde met iets groots. Maar met een botsing van het formaat wat hiervoor nodig is, is een nieuwe stand van de aardas wel het laatste waar je je zorgen om zou moeten maken.

Een andere mogelijkheid is dat de polen zelf wel op hun plaats zullen blijven, maar dat het land wat nu boven de polen ligt daar overheen schuift. We weten nu dat de continenten inderdaad verschuiven. Via onze satellieten kunnen we bijvoorbeeld tegenwoordig meten dat de Atlantische oceaan elk jaar weer een paar centimeter breder wordt. Stromingen onder de aardkorst stuwen de tektonische platen waar de continenten op liggen voort, zodat ze op sommige plaatsen uit elkaar gedreven worden, en op anderen tegen elkaar aan, zodat ze gebergten opstuwen. Dit verklaart bijvoorbeeld de overeenkomsten tussen de geologie en de fauna van Afrika en Zuid-Amerika en zelfs de vorm van de kustlijnen: die zaten ooit aan elkaar vast, maar drijven nu van elkaar af. Het verklaart ook waarom we soms fossielen van tropische ecosystemen ver van de evenaar vinden: die gebieden lagen vroeger dichter bij de evenaar. Maar nogmaals, dit is een behoorlijk langzaam proces.

Maar voor deze theorie algemeen aanvaard werd, werden er ook andere verklaren voorgesteld. Eén daarvan was een idee van Charles Hapgood: dat de hele aardkorst in het verleden loskwam van de onderliggende lagen, en als één geheel plotseling verschoof. Dit idee wordt door weinig geologen nog serieus genomen, simpelweg omdat er geen bewijs voor is, terwijl het door weer ander bewijs wordt tegengesproken. Voor plaattektoniek is het bewijs juist overweldigend. Daarnaast kan het vele andere verschijnselen verklaren, zoals aardbevingen, die niet verklaard kunnen worden door de theorie van Hapgood. Ondanks dit alles wordt deze theorie toch gebruikt in de 2012 film, waar deze wordt aangeprezen door het personage Charlie Frost.

De laatste mogelijkheid is dat de magnetische polen verschuiven ten opzichte van de geometrische polen. En dat is zeker het meest waarschijnlijke scenario, want de magnetische polen verschuiven inderdaad voortdurend. De aarde is geen permanente magneet, zoals een staafmagneet. In plaats daarvan is het magnetisch veld van de aarde naar alle waarschijnlijkheid het gevolg van stromingen diep in de kern van onze planeet, die voornamelijk uit gesmolten metaal bestaat. Deze stromingen worden zelf weer beïnvloed door het magnetische veld, zodat allerlei ingewikkelde wisselwerkingen kunnen ontstaan. Daardoor varieert het magnetisch veld continu. Het blijkt zelfs mogelijk te zijn dat het veld binnen een betrekkelijk korte tijd zichzelf helemaal omkeert, zodat noord en zuid van plaats wisselen.

"Betrekkelijk kort" betekent echter nog steeds vele eeuwen. Recente computersimulaties van het aardmagnetisch veld hebben een omkering laten zien die zo'n 1200 jaar duurde, maar het gemiddelde ligt waarschijnlijk rond de 7000. Dat is een oogwenk op geologische schaal, maar kan verder toch nauwelijks een catastrofale gebeurtenis genoemd worden op een menselijke tijdschaal. Daarbij komt ook nog dat het alleen het magnetisch veld van oriëntatie verandert. Het oppervlak van de aarde blijft verder gewoon op zijn plaats, de aarde komt niet ondersteboven te staan en de aarde gaat ook niet de andere kant op draaien. Het is zelfs niet zo dat het magnetisch veld een poosje helemaal verdwijnt, om dan weer omgekeerd weer terug te komen, zoals te zien is op de animaties van de simulatie. Tijdens de omkering is waarschijnlijk het veld wel zwakker dan normaal, dus eventueel zijn we dan iets kwetsbaarder voor zonnestormen. Aan de andere kant is er in de fossiele geschiedenis geen bewijs gevonden voor extra uitstervingen ten tijde van de omkeringen, dus zo'n groot acuut gevaar zal dit nou ook weer niet zijn. Dus hoewel dit scenario het meest waarschijnlijk is, en de beste wetenschappelijke steun heeft, is ook dit scenario dus nauwelijks een plotselinge catastrofe te noemen.

Het vervelende is dat de aanhangers van de 2012 ramp-scenario's deze mogelijkheden niet uit elkaar kunnen (of willen) houden. Zo zul je vaak zien dat data over de beweging van de magnetische noordpool wordt gebruikt alsof het een voorbode is van een rampzalige verschuiving van de aardkorst, terwijl dat toch echt twee verschillende dingen zijn.

Is deze verwarring simpelweg het gevolg van onwetendheid? Of is het een bewuste poging pseudo-wetenschap wat op te leuken met echte wetenschap? Of wordt er opzettelijk vaag gehouden wat ze nu echt bedoelen met "pole shift", in de hoop dat er tenminste iets wat er op lijkt zal plaatsvinden in 2012?

zondag 8 november 2009

95 stellingen: niet-reduceerbaar complexe systemen

Behalve dat de 95 stellingen tegen evolutie vele reeds lang beantwoorde standaard-argumenten bevat, bevat deze ook een hoop onnodige herhaling. De stellingen met de nummers 03, 06, 07, 37, 38, 39 40, 72, 78, 88 en 89 zijn allemaal terug te leiden op één enkel bezwaar: sommige organen/organismen/systemen in de natuur zijn zo complex, dat alle onderdelen ervan aanwezig moeten zijn en op elkaar afgestemd moeten zijn, anders zou het geheel niet werken. En daarom kunnen ze nooit geëvolueerd zijn, want hoe kan dat alles allemaal in één keer goed ontstaan zijn? Het kan zelfs niet stapje voor stapje ontstaan zijn, want het werkt pas als het laatste stapje voltooid is. Dus moet er ergens een ontwerper zijn.

Van de 95 stellingen zijn er maar liefst elf van deze vorm. Dat is bijna 12 procent. Blijkbaar vinden ze dat dus een nogal belangrijk argument, dat ze het zo vaak herhalen. Dus daarom besloot ik dit argument eens apart onder de loep te nemen en te kijken of het steek houdt. Het is misschien aardig om daarbij als leidraad een vergelijking te gebruiken die bij de uitleg van stelling 03 vermeld wordt:
Wil een auto kunnen rijden, dan zijn er minimaal een motor, een koppeling, vier wielen en een stuurinrichting nodig. Dat een "primitieve oerauto" in een aanvankelijke "ontwikkelingsfase" ook zonder motor of zonder koppeling of zonder wielen zou hebben kunnen rijden, is even ondenkbaar als het denkbeeld dat de biodiversiteit van het aardse leven stapsgewijs zou kunnen zijn ontstaan.


Het eerste probleem is dat de meeste voorbeelden die gegeven worden niet echt onreduceerbaar complex zijn. Er bestaan wel degelijk wagens zonder motor of koppeling. Denk aan koetsen, trapauto's en handkarren. Tuurlijk, ze zijn niet zo makkelijk als wagens die door een motor worden aangedreven, maar met paard en wagen kun je meer vervoeren dan met een paard alleen - zelfs een handkar met maar twee wielen is beter dan niets. Op dezelfde manier is bijvoorbeeld het oog ook niet onreduceerbaar complex: overal in de natuur vindt je ogen zonder lens, of zonder iris. Tuurlijk, die zijn ook minder goed dan ogen met lens en iris, maar zijn nog altijd beter dan blindheid. Maar dat was juist het punt, niet? Blijkbaar is het dus wel degelijk mogelijk om stap voor stap verbeteringen toe te voegen aan het oog.

Ook hoeven onderdelen niet altijd hetzelfde doel gediend te hebben dat ze nu hebben. Stoommachines en verbrandingsmotoren werden al jaren toegepast in bijvoorbeeld gemalen en fabrieken, maar niet in auto's, want ze waren nog te groot en te log. Pas toen ze klein en licht genoeg waren werden ze ingezet om een wagen aan te drijven. De eerste auto's waren dus een nieuwe combinatie van twee reeds bestaande technologieën: verbrandingsmotoren en koetsen - en zo zagen ze er ook ongeveer uit. Op een vergelijkbare manier waren belangrijke onderdelen van de zweepstaart waarmee bacteriën zich kunnen voortbewegen, het zogenaamde flagellum, al langer in gebruik als een systeem om stoffen door het celmembraan te transporteren.

Om te begrijpen hoe een onreduceerbaar complex systeem toch kan ontstaan kunnen we misschien eens naar een nog recentere ontwikkeling van auto's kijken: elektronica. We weten dat de auto's zeg twintig jaar geleden best zonder konden. Maar auto's waarin elektronica de motor bijregelde werkten efficiënter. Op den duur werd er steeds meer gebruik gemaakt van elektronica, totdat tegenwoordig de hele motor door een computer wordt aangestuurd. Tegelijkertijd verdwenen er andere onderdelen, die overbodig geworden waren, omdat hun functie werd overgenomen door elektronica. Daardoor zal een auto tegenwoordig niet eens meer starten als je de motor-elektronica weghaalt: de elektronica is noodzakelijk geworden. Op een vergelijkbare manier kan bijvoorbeeld een symbiose ontwikkelen: een samenwerking kan eerst alleen een klein voordeel opleveren, maar naarmate er meer op de symbiose vertrouwd wordt, kan ook de afhankelijkheid toenemen, totdat de symbiose noodzakelijk is geworden. Voor gespecialiseerde organen als hart, longen en nieren geldt hetzelfde. Longen maken het bijvoorbeeld mogelijk om groter te worden dan wanneer je beperkt bent tot ademen door de huid, zoals bijvoorbeeld insecten doen. Maar als je eenmaal bent overgeschakeld naar longen, dan ben je daar dan ook 100% afhankelijk van geworden.

Uiteindelijk komt het hele argument hierop neer: wij kunnen ons niet voorstellen hoe dit stapsgewijs ontstaan is, dus is het onmogelijk. Alleen mag je die conclusie niet trekken. Een ander kan misschien wel voorstellen hoe dit gegaan kan zijn. Misschien kan daar zelfs bewijs voor gevonden worden. En in de meeste gevallen die door creationisten zijn aangedragen, is dat precies wat er gebeurd is. Bijvoorbeeld bij het immuunsysteem, of het mechanisme waardoor het bloed kan stollen.

Ongetwijfeld kunnen creationisten nog wel voorbeelden aandragen die nog niet helemaal zijn uitgezocht. Wetenschappers kunnen nu eenmaal niet overal tegelijk naar kijken en er is nu eenmaal tijd nodig om zulke complexe zaken te bestuderen. Ik zie echter niet in waarom het in die nieuwe gevallen niet net zo zal gaan als in alle voorgaande gevallen, waarbij de wetenschap uiteindelijk gewoon met een verklaring kwam. Maar als het aan de creationisten lag, zouden wetenschappers het gewoon op moeten geven. In plaats van deze systemen te bestuderen, proberen te begrijpen hoe ze werken en hoe ze ontstaan zouden kunnen zijn, zouden ze vertwijfeld de handen moeten opsteken, roepen dat het onmogelijk is, dat evolutie totale onzin is, en dat "God" het enige juiste antwoord is op alle vragen. Als we naar de creationisten hadden geluisterd, hadden we nooit geleerd wat we nu allemaal weten. En dat vind ik nog het meest verwerpelijke aan dit hele argument.